Wacht jij ook op Jezus? week 25

Johannes 20:19-22
19Toen het avond werd op die eerste dag van de week, zaten de leerlingen in huis. Ze hadden de deuren dicht gedaan, want ze waren bang voor de Joodse leiders. Plotseling stond Jezus bij hen. Hij zei: “Ik wens jullie vrede toe!” 20Daarna liet Hij hun zijn handen en zijn zij zien. De leerlingen waren blij toen ze de Heer Jezus zagen. 21Jezus zei opnieuw tegen hen: “Ik wens jullie vrede toe! Net zoals de Vader Mij heeft gestuurd, stuur Ik ook jullie.” 22Toen blies Hij op hen en zei: “Ontvang de Heilige Geest.

Johannes 20: 26-27
26Acht dagen later zaten Jezus’ leerlingen weer in het huis. Nu was Tomas erbij. Jezus kwam binnen, ook al waren de deuren dicht. Hij stond plotseling tussen hen in en zei: “Ik wens jullie vrede toe!” 27Daarna zei Hij tegen Tomas: “Kijk naar mijn handen en voel ze met je vingers. Voel met je hand in mijn zij. Wees niet langer ongelovig, maar geloof.” 

Johannes 21: 1-14
1Hierna liet Jezus Zich opnieuw aan zijn leerlingen zien. Dat was bij het Meer van Tiberias. Dat ging zó. 2Simon Petrus, Tomas Didymus, Natanaël uit Kana in Galilea, de twee zonen van Zebedeüs en nog twee van Jezus’ leerlingen waren bij elkaar. 3Simon Petrus zei tegen hen: “Ik ga vissen.” Ze antwoordden: “We gaan met je mee.” Ze vertrokken met de boot, maar die hele nacht vingen ze niets. 4Toen het ochtend werd, stond Jezus aan de kant van het water. Maar de leerlingen herkenden Hem niet. 5Jezus zei tegen hen: “Kinderen, hebben jullie ook vis te eten bij je brood?” Ze antwoordden Hem: “Nee.” 6Toen zei Hij tegen hen: “Gooi het visnet aan de rechterkant van de boot in het water. Dan zullen jullie vis vangen.” Ze deden wat Hij zei. Nu vingen ze zóveel vis, dat ze het visnet niet meer konden binnenhalen. 7De leerling die Jezus’ beste vriend was, zei tegen Petrus: “Het is de Heer Jezus!” Toen Simon Petrus hoorde dat het de Heer was, trok hij gauw zijn overkleren aan (want die had hij uitgetrokken) en sprong in het water. 8Maar de andere leerlingen kwamen met de boot, want ze waren niet ver van de kant: maar ongeveer 200 el. Het volle visnet sleepten ze achter de boot aan.
9Toen ze aan land waren gekomen, zagen ze daar een vuurtje met vis en brood er op. 10Jezus zei tegen hen: “Geef Mij een paar van de vissen die jullie net hebben gevangen.” 11Simon Petrus ging aan boord en trok het visnet het land op. Het zat helemaal vol: er zaten 153 grote vissen in. En hoewel het er zoveel waren, scheurde het visnet niet. 12Jezus zei tegen hen: “Kom en eet.” Niemand van de leerlingen durfde Hem te vragen: “Wie bent U?” Want ze wisten dat het de Heer was. 13Jezus nam het brood en gaf het aan hen. Hetzelfde deed Hij met de vis. 14Dit was de derde keer dat Jezus Zich aan zijn leerlingen liet zien nadat Hij uit de dood was opgestaan.

Zijn discipelen, de 12, hadden van Jezus de opdracht gekregen te wachten in Galilea. Dezelfde plaats waar onder andere Petrus de opdracht kreeg: “Volg mij”.
Petrus liet toen alles wat hij bezat in de steek en volgde Jezus. Echter hij had zijn boot en netten niet verbrand. Alles was er waarschijnlijk nog zoals hij het had achter gelaten.
Het idee om mensen te gaan vangen liet hij letterlijk varen. Hij rook de zeelucht en zag de meeuwen en dacht aan de volle netten. Petrus was in hart en nieren een visser. Hij vond het heerlijk om dit beroep uit te oefenen en hij was er goed in. Tenslotte leverde het ook nog wat op.
Petrus zegt tegen de discipelen: “Ik ga weer vissen” en zij zeggen”: “wij gaan met je mee.

Het is niet de eerste keer dat Petrus zijn roeping in de steek laat.
Nu is het een paar dagen na de dood en opstanding van Jezus. Ze hebben hem zelfs al ontmoet. Thomas mocht zelfs de gaten in zijn pols en in zijn zijde voelen. En de discipelen gaan weer vissen.

Soms kan het bij ons ook zo gaan. We hebben heilige momenten meegemaakt waarin we de Heilige Geest echt hebben ervaren. Zijn aanwezigheid was bijna tastbaar. Misschien heb je ook wonderen gezien of gedaan of misschien is er zelfs een wonder in jouw gebeurt. En toch kunnen we daarna de Heilige Geest weer bedroeven.
“Ja maar dat is wel wat anders, want zij hadden Jezus fysiek in hun midden.?
Is dat zo Wat gebeurde er met Pinksteren? Waarom en vanuit welke kracht gingen de discipelen nu te werk? Is dat dezelfde kracht die nog steeds beschikbaar is?

Wij wachten ook op de komst van Jezus. Net zoals Zijn discipelen destijds op Zijn komst wachten. Bijna elke keer als zij een moment zonder Hem waren vielen ze terug.
Met ons is het niet anders. Als wij een moment zonder Hem denken te kunnen, dan vallen wij direct terug in ons vlees. Het volgen van Jezus Christus kan alleen maar radicaal. Dan kan alleen maar op een dagelijkse basis waarbij we elke dag weer met hem opstaan. Dat we elke morgen Hem weer begroeten en uitnodigen om ons te gidsen. Een leven vervult van de Heilige Geest waarin we leren om geduldig te zijn. Waarin we leren om God centraal te stellen. Waarin we Zijn woord dag en nacht onderzoeken.

Is er een diep verlangen in jou om dat te doen? Is er een diep verlangen om meer van de Vader te weten? Om een relatie te krijgen met de Vader? “Maar het gaat toch om Jezus?” Het geloof in Jezus is inderdaad hetgeen wat ons redt en anders niet, maar Jezus leidt ons naar het Vaderhart. Jezus wil ons aan de voeten van de Vader brengen. Jezus bracht verzoening voor ons met de Vader. Door Zijn bloed kunnen we nu naderen tot Gods troon en hebben wij het zoonschap van de Vader gekregen.
Wat een heerlijke boodschap en wat een diep verlangen zou deze boodschap in jouw hart moeten bewerkstelligen. Niet meer IK, maar Jezus leeft in jou. Je mag deel uitmaken van Zijn lichaam doordat jouw lichaam een tempel van de Heilige Geest is.

Jezus zei tot drie keer toe: “Petrus hou je van mij”. Jezus spreekt hier de allesomvattende Agapè-liefde uit. Dit is de liefde op Goddelijk niveau. De liefde die alleen een wederom geboren schepsel van de Heer kan ervaren en ontvangen.
Petrus antwoord tot driemaal toe: “Heer ik hou van u”. Tot drie keer toe gebruikt Petrus het woord Phileos. Een liefde die de wereld ook kent. Een liefde op zielsniveau.

Als iemand heeft laten zien wat geduld is, dan is dat Jezus. Hij leert ons lessen in geduld. Elke keer opnieuw geeft Hij het voorbeeld. Elke keer als wij zelf de fout ingaan en Hem even loslaten is daar weer Zijn genade. Die vergeving die maar niet lijkt op te houden. En elke keer brengt Hij ons opnieuw bij het Vaderhart.
Leer van Jezus: Dat uitstel bij Hem geen afstel is. Dat Hij trouw is. Ja, zelfs tot in de dood.

De Koning van het universum bedient Zijn discipelen. Ook vandaag de dag.
Na drie keer te hebben gevraagd aan Petrus: “Hou je van mij?” Zegt Hij uiteindelijk: “VOLG MIJ”.
Na drie keer of meer te hebben gevraagd aan JOU: “Hou je van mij?” Zegt Hij uiteindelijk opnieuw tegen jou: “VOLG MIJ”.

Vragen:

  1. Ervaar jij de aanwezigheid van Jezus in jouw leven?
  2. Laat je Hem wel eens los? 
  3. Is er een diep verlangen in jou om Hem te volgen?

Gebed week 25

  • Deze week bidden en danken we voor de kringen en de Geestelijke Verzorging in de Oranjekazerne, Schaarsbergen en op de Kromhoutkazerne, Utrecht.
    Bid dat de Heer harten op deze kazernes aanraakt. Dat Christenen bemoedigt mogen worden en toegevoegd aan de kringen.

Dank- en gebedspunten(wekelijks)

  • Koninklijk huis en regering. In het bijzonder voor Tjeenk Willink gedurende de formatie. Dat het Christelijk geluid hoorbaar mag worden in de politiek.
  • Onze leidinggevenden
  • De uitgezonden collega’s en hun familie
  • Collega’s die ziek zijn of door een moeilijke tijd gaan
  • Het werk van de geestelijk verzorgers
  • Onze positie als Christen op de werkplek
  • Uitbreiding ontmoetingskring(en), o.a. in Stroe, GMaj. Koot kazerne!
  • Bid ook voor een op te richten Christelijke studentenvereniging aan de KMA.
  • Dank voor de kringen die in Doorn, Apeldoorn en Oirschot zijn gestart in de afgelopen maanden
  • Persoonlijke dank- en gebedspunten