24 uur in dienst en recht op ontbering – week 43

Lezen: Filemon: 8-20
Tekst: “Ik bid u dan voor mijn zoon, die ik in mijn banden heb geteeld, namelijk Onesimus”, vers 10

24 uur in dienst en recht op ontbering

Zo was het leven in dienst generaties lang. Is het er beter op geworden sinds de 8 tot 5-mentaliteit? Uitzending is in de plaats gekomen van de dienstplicht en dan blijft: 24 uur in dienst en recht op ontbering. Is het er veiliger op geworden? De ongelukken bij de commando’s en in Mali tonen aan van niet. Al met al hebben we geen inspraakleger gekregen met recht op balen.

In ons land ben jij voor de wet een burger met rechten, ook als militair. Jij mag niet als een slaaf behandeld worden. Naast je rechten heb je ook je plichten. Je moet bijvoorbeeld je meerderen gehoorzaam zijn. Je moet de orders opvolgen.

Onesi­mus in onze tekst is een slaaf. Het leven van een slaaf telt niet mee, maar Onesimus is het zat. Hij steelt wat van zijn heer Filemon en vlucht bij hem weg. Hij gaat helemaal naar Rome, naar Paulus in de gevangenis. Dat is niet vergeefs, want ondanks zijn ongehoorzaam­heid vergeeft de Heere zijn grote schuld. Nu moet Onesimus van Paulus terug naar zijn heer, want als slaaf is Onesimus 24 uur in dienst en heeft hij recht op ontbering. Dan schrijft Paulus deze aanbevelingsbrief aan zijn heer Filemon, die zelf ook christen is. Onesimus moet terug naar zijn heer met de brief van Paulus. Weet Onesimus de inhoud van de brief? Wat zal zijn heer doen? Hij is een onnutte slaaf, door weg te lopen. Daardoor kan hij gemarteld en zelfs gedood worden, zonder vorm van proces. Toch gaat Onesi­mus terug. Zijn schuld voor God is vergeven, nu moet zijn schuld voor de mensen hersteld worden. Herken jij dat uit je leven?

Als christenmilitair ben je heel eenvoudig 24 uur in dienst van Koning Jezus in Woord en daad. Je hebt recht op ontbering, niet op applaus. Desondanks is het een hele weg om op je fouten en gebreken terug te komen, maar het moet. Mis­schien heb je wel een onherstelbare fout begaan. Kom er op terug. Beken het eer­lijk, want: “Wie zijn zonde belijdt en laat, die zal barmhartigheid vinden”.  Schuld belijden doe je in de eerste plaats tegenover God, maar ook tegenover je naaste. Dat geeft vrede in het hart, hoe het ook zal gaan. Bij Onesimus is het meegevallen. Als slaaf en broeder in Christus is hij weer 24 uur in dienst en heeft hij recht op ontbering. Nu is hij gehoorzaam. Zoals zijn naam betekent, is hij sinds zijn bekering zeer nuttig.
Heere, geef mij de moed om mijn zonden te belijden voor u en de mensen. Geef mij gehoorzaamheid om nuttig te zijn in mijn werk, in de dienst.