Terugkeer naar God – Zijn Woonplek in ons land

We verdiepen ons vandaag nog eens in onze basistekst voor deze hele week. Zo’n prachtig en intiem woord dat onze God tot ons spreekt.

2Kron.7:13-16
Wanneer Ik de hemel toesluit, zodat er geen regen is, wanneer Ik de sprinkhanen gebied het land kaal te vreten, indien Ik pest onder mijn volk zend,
en mijn volk waarover mijn naam is uitgeroepen, verootmoedigt zich en zij bidden en zoeken mijn aangezicht en bekeren zich van hun boze wegen, dan zal Ik uit de hemel horen, en hun zonde vergeven en hun land herstellen.
Thans zullen mijn ogen geopend zijn, en zullen mijn oren luisteren naar het gebed te dezer plaatse.
Thans heb Ik dit huis verkoren en geheiligd, opdat mijn naam daar zij tot in eeuwigheid; mijn ogen en mijn hart zullen daar zijn al de dagen.

Dit woord spreekt God bij de inwijding van de Tempel.
Hij bevestigt Salomo en de Tempel die hij gebouwd heeft en de hele geschiedenis van liefde en toewijding aan God die daaraan vooraf is gegaan in het leven van zijn vader David. De liefde waarmee David al een Tempel wilde bouwen, waarmee hij alle materialen verzamelde en spaarde, waarmee hij de dag-en-nacht aanbidding instelde in de ‘Tent van David’ nadat hij met veel eerbied en ontzag de Ark van de Tegenwoordigheid van God naar Jeruzalem had gebracht op de schouders van de priesters….. (zo bijzonder om te lezen: 1Kron15,16)

Jezus bouwde aan een nieuwe Tempel: ónze hárten als levende stenen voor de bouw van een geestelijk huis (1Petr.2:5 ..en laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijk huis, om een heilig priesterschap te vormen, tot het brengen van geestelijke offers, die Gode welgevallig zijn door Jezus Christus.). Een plek ín ons binnenste waar de Tegenwoordigheid van Jezus en de Vader op aarde mag verkeren. Een gezamenlijke plek waar Gods Tegenwoordigheid in ons land wordt gekoesterd en aanbeden.
Dát Huis heeft Hij verkoren, dáár zijn Zijn ogen voortdurend op gericht, dáár woont Zijn hart.

Laten wij geen rust hebben voordat we dat Huis voor Hem gebouwd hebben in ons land, dat Huis in onze gezamenlijke, verbonden harten.
Met een heilige ijver zoals David had, toen hij zei in Psalm 132:3-5
Voorwaar, ik zal de tent mijner woning niet binnengaan, noch de sponde mijner legerstede beklimmen,
voorwaar, ik zal aan mijn ogen geen slaap gunnen, noch sluimering aan mijn oogleden,
totdat ik voor de Here een plaats gevonden heb, een woning voor de Machtige Jakobs.

Gebed:
* Lees en herlees deze woorden en neem het heel persoonlijk.
* We bidden dat onze harten volledig geschikt en beschikbaar zijn om ZIjn Tegenwoordigheid te dragen.
* Heer, máák ons Uw Tempel, en vorm onze harten zodat ze nog méér overgegeven zijn, nog meer apart gezet zijn voor U. Ik heb geen goed buiten U! (Ps.16:2b)
* Help mij om mijn leven in al mijn keuzes af te stemmen op dát grote doel: om drager en woonplek te zijn van Uw Tegenwoordigheid.
* Leer ons om bewust geestelijk offers te brengen van aanbidding en het groot maken van Uw Naam, waar ik ook ben en wat ik ook doe. (Hebr.13:15)

* We bidden voor Uw Kerk in ons land, dat we sámen Uw Woonplek zullen zijn….. dat die Woonplek groeit en groeit en groeit….
* Dat we in elk dorp en in elke stad U offers van lof en aanbidding zullen brengen!
* Doe ons beseffen dat dit geestelijke strijd is: U offers van eer en aanbidding te brengen, ookal wordt het ons bijna onmogelijk gemaakt! Tegen de stroom van de reguliere trend in.
* Dank U dat U nieuwe liederen vrij gaat zetten, dat een nieuw geluid van aanbidding in Nederland gaat oprijzen, dat U getuigenissen vrij gaat zetten, dat U Uw kinderen moed geeft om openlijk voor U uit te komen, en voor Uw waarheid!